Er zijn hier de afgelopen tijd twee honden doodgegaan. De kinderen die snoep dan wel geld kwamen collecteren op Altweiberfasching wisten me te vertellen dat Ben, de zwarte labrador van Peter en Maria, eingeschläfert was. Ben was al geruime tijd niet helemaal in orde en leefde al een tweede leven nadat Peter hem jaren geleden, vastgebonden aan een boom, met een enorme bult op zijn kop, in het bos aangetroffen had. Hij had al een nieuwe hond, vertelde één van de kinderen, die op zijn hurken bij Floris zat. Een kleine hond. Ben en Floris negeerden elkaar volkomen. Ik zat zelf, toen die kinderen voor de deur begonnen te zingen, boven een Milkareep weg te kanen, dus ik heb ze geld gegeven. Ze waren met z’n vieren en pas toen ze weg waren besefte ik dat de tien euro die ik doneerde niet door vier te delen is. Gelukkig deden ze even later het huis van Rinus en Lien aan en Lien gaf ze ook tien euro en twintig euro is dan weer wél door vier te delen.
Het tweede sterfgeval vond plaats bij Rinus en Lien. Vorig jaar werd op een ochtend hun Duitse herder Anka niet meer wakker. Toen bleef alleen Boomer, een rottweiler, achter. Onlangs waren we op een avond bij ze en vertoonde Boomer vreemd gedrag. Ze wilde bij me op schoot. Terwijl ik op een keukenstoel zat. En niet alleen op schoot, ze klom nóg verder, tot haar beide voorpoten op mijn schouders lagen. Ze hijgde een beetje en wilde me steeds maar likken. ‘Raar beest,’ vond Lien. Dit gebeurde een paar keer. Twee dagen later was ze dood. Met Boomer moest je altijd een beetje op je hoede zijn. Die kon zomaar of op grappend commando van Rinus beginnen te grommen en een grommende rottweiler, nou ja, dat is flink wat hond. Ik zat eens op mijn knieën op de keukenvloer om haar een zoen te geven (ik was een beetje dronken) en dat kwam me ook op een uithaal te staan. Maar nu dus die opvallende liefdesbetuiging. ‘Ze wilde afscheid van je nemen,’ zegt Rinus daarvan. Ze had een enorme tumor in haar milt, zo ontdekte een dierenarts de dag nadat wij ’s avonds bij ze geweest waren. Diezelfde dierenarts kwam weer een dag later bij ze thuis om Boomer in te laten slapen.
Hun huis is dus leeg nu. Leeg en stil. Toch nemen ze geen nieuwe hond. En ook geen kat. Ze hebben een ‘bepaalde leeftijd’ bereikt, zo’n leeftijd waarop ze zich afvragen of de hond ze niet zal gaan overleven. Toen Floris en ik er een paar dagen geleden langsgingen, vroeg ik of dat goed was. Ik kan me namelijk voorstellen dat je, als je eigen hond dood is, helemaal geen zin hebt in een andere hond. En zeker niet in Floris. Ja, het was goed. Floris kwam er voor het eerst van haar leven binnen. Daar is een la die nog vol ligt met hondenlekkertjes. Dat zou met Boomer niet goed gegaan zijn, al was het alleen maar omdat ik weet dat Floris frontaal in de aanval zou gaan en dat is met zo’n grote hond niet zo’n goed idee. Rinus wuifde dat weleens weg, maar dan zei ik: ‘Ja, maar, Rinus, het is niet zozeer Boomer, het is Floris.’ Die denkt daar namelijk helemaal niet over na. Of het is gewoon een enorm dapper hondje. Op de afbeelding slaapt ze overdag. Dat gebeurt vrijwel nooit.