Een lang leven

Het allermooiste van het vertaald krijgen van je boeken is dat alles elke keer weer opnieuw begint. Suhrkamp heeft van Der Sohn des Friseurs vooruitexemplaren laten drukken. Hierboven al een eerste reactie van een boekhandelaar. Zo’n eerste reactie is heel fijn. In hun voorjaarsaanbieding gooit Suhrkamp het een beetje over de ‘eindelijk weer eens een Bakker’-boeg. Ik heb ook nogal wat lezingen staan voor het voorjaar. Twee jaar na het origineel (en eerder al de Spaanse/Catalaanse en de Turkse versie, met bezoeken aan Barcelona en Istanboel) volgt gewoon nog eens de hele kermis. Soms een kermis met als enige attractie de botsautootjes, een andere keer een kermis met alles erop en eraan. En dan gaat het boek aankomend (laat) voorjaar ook nog in Frankrijk en Engeland verschijnen. Zo’n boek blijft leven, of: heeft telkens een nieuw leven. Er is zelfs een presentatie gepland in Berlijn. En elk keer weer is het spannend. Een lezeres in Catalonië wilde het boek terugsturen aan de boekhandel, want dat een schrijver de lezer aan het einde van een boek zó in de steek laat vond ze niet te doen. Dat vond ik een boeiende reactie. Nieuw ook, nooit eerder gehoord.

Er komen dus ook steeds meer omslagen. Geen enkele buitenlandse uitgeverij heeft de oorspronkelijke zwarte hond op het omslag (vrijwel alle Bovens in het buitenland hadden het oorspronkelijke omslag) en even dreigde de Engelse uitgever het Duitse omslag te gebruiken, tot ze hoorden dat dat een door AI gegenereerd omslag was en daar doet Scribe niet aan. ‘Dreigde’, want ik vind het het mooist om zo veel mogelijk verschillende omslagen in mijn egoboekenkast te kunnen zetten. Tot nu toe hebben alle buitenlandse uitgeverijen de titel letterlijk vertaald. Wat soms een niet zo mooi resultaat heeft, zeker de Duitse titel kan me niet erg bekoren, maar The hairdresser’s son klinkt dan al weer een stuk beter en Berberin Oğlu vind ik echt een toptitel, het oğlu uitgesproken als een zachtjes klokkende kalkoen.

Vuur in de schrijfkamer

Eindelijk weer eens vuur gemaakt in de schrijfkamer. En er te vroeg gaan zitten, het is hier nu 14 graden. Het zal wel iets betekenen, denk ik, als ik opsta en de aandrang voel hier vuur te maken. En dan zit je en vraag je je af: maar wát betekent het dan? Van beneden uit de Hauswirtschaftsraum komt allerlei lawaai. M. zit er te fietsen en Zwift voorziet zo’n ritje van allerlei geluiden. Ik hoor zelfs vogeltjes. Soms fietst hij daar met Matthieu van der Poel. Floris is pal voor de kachel gaan liggen, daar is het nu het lekkerst. Afgelopen nacht moest ze twee keer naar buiten. Geen idee waarom. Omdat het hier pikkedonker is, kon ik ook niet zien waar ze was. Wellicht moest er gras gegeten worden en gras eten, dat doe je achter het huis. Vanochtend heb ik haar met geweld van het weitje boven het huis weg moeten halen, haar bek vol prut van het graven naar muizen. Dat gaat met zoveel enthousiasme dat grote pollen gras met de bek weggerukt moeten worden. Vorige week was het hier wit, nu is het grauw en nat. Prima weer om te schrijven, vond ik vroeger. Gezellig. Prima weer ook altijd voor het maken van de Nieuwjaarskaarten. Ook gezellig. Inmiddels beklimt M., vermoed ik, een heuvel. Hij gromt en kreunt en snuift. Er staat daar beneden maar één zo’n installatie om binnen te fietsen, wat betekent dat ik nooit binnen fiets. Soms doe ik mijn best een pakje shag te weinig te kopen tijdens de wekelijkse boodschappen in Prüm of Bitburg. Dat betekent dan dat ik op de fiets (weliswaar een e-bike) naar Schönecken moet, waar altijd ook nog wel wat andere dingetjes ingeslagen moeten worden. Laatst kreeg ik er bij de kassa een gratis aansteker die tegelijkertijd een flessenopener was. Van de caissière die ik eens in een kamertje bij de tandarts zag liggen. Ik deed toen heel verbaasd, of misschien eerder verrast. Zij gebaarde dat ze ook maar een mens was. De tandarts in Schönecken handelt zijn patiënten één voor één af, terwijl er vaak wel drie tegelijk in hun eigen kamertje, met de deur open, liggen te wachten. Of heb ik dat al eens eerder opgeschreven? Het komt me ineens zo bekend voor. Ik zal eens kijken of ik ook niet zo’n binnenfietsinstallatie kan krijgen. Er lijkt me weinig fijner dan fietsen met Matthieu van der Poel, zelfs al is dat slechts virtueel.