Fundamenten van het Geloof 19 De satan in het Nieuwe Testament (3) Een engel van het licht en vrijlating voor gevangenen

Fundamenten van het Geloof 19 De satan in het Nieuwe Testament (3) Een engel van het licht en vrijlating voor gevangenen

Vrijlating voor gevangenen

Lucas 13:10-17 vertelt de genezing van een vrouw:

“En zie, er was een vrouw, die al achttien jaren een geest van zwakheid had en verkromd was en zich in het geheel niet kon oprichten”

Jezus geneest haar door zijn handen op haar te leggen, zeggende:

“Vrouw, u bent verlost van uw zwakheid”.

Wat opvalt, is dat hij geen ‘boze geest’ uitdrijft om haar te genezen, en haar ook niet vraagt niet meer te zondigen. Als de overste van de synagoge hem dan verwijt dat hij op sabbat mensen geneest, en de andere aanwezigen blijven zwijgen, vraagt hij hen:

“Huichelaars … moest deze vrouw, die een dochter van Abraham is, welke de satan, zie, achttien jaar gebonden had, niet losgemaakt worden van deze band op de sabbatdag?”.

Wat bedoelde Jezus hier met ‘de satan’? Een suggestie: als ‘de satan’ de aanklager en beproever is van mensen, zou deze vrouw, net als Job, beproefd kunnen zijn totdat haar verlosser optrad. En toen hij deed wat zij verlangde, kon zij – meer nog dan Job, die alleen maar in hoop naar de toekomst kon kijken – zeggen:

“Ik weet: mijn Losser leeft” (Job 19:25).

De Losser is in Gods heilswerk iemand die een ander loskoopt, vrijmaakt, uit een moeilijke situatie; bijvoorbeeld een weduwe (denk aan hoe Boaz met Ruth trouwt) of een slaaf. De profeet Jesaja moest van God aangeven waaraan de Messias herkend zou kunnen worden. Dé herkenning was dat hij enerzijds een blijde boodschap (= evangelie) zou verkondigen aan ootmoedigen (nederigen van hart) en anderzijds zijn woorden bekrachtigen door daden. Eén van die daden zou zijn:

“voor gevangenen vrijlating uit te roepen en voor gebondenen opening van de gevangenis”.

Dat hiermee geen letterlijke gevangenis werd bedoeld – wat kennelijk wel de verwachting van velen in die tijd was – is te zien in het feit dat Jezus tijdens zijn predikingswerk nooit iemand bevrijdde. Integendeel. Het is juist de klacht van Johannes de Doper, dat hij gevangengenomen is en Jezus hem in de cel laat zitten. Hij stuurt nota bene ook nog eens de boden van Johannes terug naar hun meester met de woorden uit Jesaja, dat God hem heeft gezonden

“om aan gevangenen loslating te verkondigen”.

Maar de enige bevrijdingen uit gevangenissen waarvan wij weten, worden in Handelingen vermeld: Eerst worden de apostelen door een engel bevrijd, en later Petrus. De vrijlating van gevangenen heeft daarom in de eerste plaats betrekking op de vrijlating uit de gevangenschap van de zonde en de gevolgen daarvan: ziekte en dood. En dat is wat Jezus, bijvoorbeeld, deed met die krom gegroeide vrouw:

“moest deze vrouw … niet losgemaakt worden van deze band …?”

“de satan doet zich voor als een engel van het licht”

Deze woorden van Paulus worden wel als ‘bewijs’ aangevoerd voor het bestaan van een gevallen engel, die mensen misleidt door zich voor te doen als de Messias. Wij willen echter wijzen op het verband waarin de woorden van 2 Kor 11:15 staan en de conclusie van Paulus. Hij schrijft over mensen die zich voordoen als apostelen, als dienaren van de gerechtigheid. Maar zij prediken een ander evangelie en een andere Jezus, en zijn daarom “bedrieglijke arbeiders”.
Wie waren zij? Vaak tot de gemeente toegetreden Joden, vooral uit de Farizeeën. Dat Paulus hen op het oog heeft, blijkt uit 11:22. Stefanus verwijt de Joodse leiders dat zij zich verzetten tegen de heilige Geest; zij waren dus ‘satans’, tegenstanders van God. Daarom, zo zegt Paulus, zal hun einde zijn naar hun werken (11:15). Geen oordeel over die ‘satan’ die hen misleidde, of over het delen van zijn dienaren in het oordeel over ‘de satan’. ’De satan’ zetelt in Jeruzalem in de vorm van het Jodendom. Degenen die spreken zoals zij zijn die bedrieglijke arbeiders.

J.K.D.

+

Voorgaande

  1. Fundamenten van het Geloof 11 Christus, de door God gezonden Verlosser
  2. Fundamenten van het Geloof 12 Verzoening met God door het offer van Christus
  3. Fundamenten van het Geloof 17 De satan in het Nieuwe Testament (1) Zonde als koning heersend in de dood
  4. Fundamenten van het Geloof 18 De satan in het Nieuwe Testament (2) Personificatie en boze geesten

++

Aanvullend

  1. God meester van goed en kwaad
  2. Niet op vernuftige verzinsels gebaseerd
  3. Hoofdbronnen van afwijkende gedachten
  4. Het Geschreven Woord: Engelen
  5. Dienende geesten 4 Gevallen engelen
  6. Hoe leest u?: Lucifer
  7. Fundamentele begrippen van het Kwaad: De satan in het Nieuwe Testament
  8. Wie zijn de genoemde « zonen van God » in Genesis 6
  9. De Zonen van God controverse
  10. Een geïntegreerde benadering van Genesis 6:2 « de zonen van God en de dochters van de mensen »
  11. Voor het geval er gevallen engelen zouden zijn, waarom zouden ze dan niet vernietigd geworden zijn door de zondvloed
  12. Het verkeerd gaan van de mens en God Zijn besluit
  13. Verkondiger Jezus ook de redder
  14. Overdenking: Barmhartigheid wil Ik
  15. De gezindheid van Christus
  16. Het Geschreven Woord: lossing
  17. Tijden van gevangenschap, verbanning en verlossing
  18. Mogen wij geloven in een verlossing
  19. Christus in Profetie #3 De Knecht in Jesaja (3) Gezalfde
  20. Rust vinden onder het juk van Jezus
  21. Verlossing #2 De Bijbelse oplossing