De maandagse moestuin (1)

Nou, ze zijn eindelijk de grond in hoor. Onze uit zaad opgekweekte tomatenplantjes gingen vanmorgen naar de moestuin waar de klei door de regen in enorme klompen aan onze schoenen bleef hangen. Wij, als herintredende moestuiniers, zijn benieuwd hoe het verder zal gaan en wanneer we touwtjes moeten gaan spannen om de planten naar boven te geleiden.

Ons eenvoudige moestuintje kent nu drie plantvakken. Links het aardbeienveldje. Daarover zijn we niet erg enthousiast. De aardbeien in hoge potten doen het stukken beter. In het midden hebben we de courgettes uitgezet plus die ene pompoen uit zes, die wél wilde kiemen. Die pompoen doet nauwelijks wat maar er staan wel wat spontane jongens waarvan google-lens beweert dat het vijgenbladmeloenen kunnen zijn. Daar snappen we dan weer niks van en kijken het nog even aan. Als het meloenen of pompoenen blijken te zijn, moeten we ze nog verplaatsen want dat spul heeft veel ruimte nodig. Alle beregeningsslangen waren nodig in die ene week dat we in NL waren en ze hebben hun werk goed gedaan. Momenteel is sproeien niet nodig.

De eerste twee (!) frambozen zijn geoogst, het hoekje is weer onkruidvrij. De aardbeien in diverse potten worden niet vaak aangevallen door dierlijke liefhebbers. Nu komt het er op aan dagelijks de boel na te lopen en bij te houden. In navolging van blogvriendin Marthy (klik) ga ik weer wekelijks de maandagse moestuin presenteren. En enorme oogsten laten zien. Hoop ik.

Via de keukentafel

Allemaal aangetroffen op de keukentafel en van daaruit opgeruimd. Dit heerlijke cadeautje van onze Nederlandse familie werd natuurlijk wél eerst aangebroken.

De bak met viooltjes werd leeggeruimd maar ik kon er nog wel twee minivaasjes mee vullen.Het probeerseltje van Madeliefjes verdween al snel in de compastbak. Ander plukgeluk vond en vindt zijn weg naar onze magen. Het gaat goed met de aardbeienoogst.

Tenslotte nog twee vergeten zakjes met zaden. Moesten in mei gezaaid worden. Maar die zaadjes weten heus niet dat het al juni is. Dus hoppa, snel nog even twee plekjes gezocht voor de Lathyrus en de Judaspenning. Zo. Opgeruimd staat netjes.

Oogst in rood

Het zijn nog geen kilo’s die verwerkt moeten worden tot jam maar onze eerste verse aardbeien smaken ook prima in de yoghurt, op een boterham of zomaar uit het vuistje. Het zijn dankbare plantjes die het hier goed doen.

Met deze jongens is de verhouding wat moeizamer. Kersen worden vaak opgegeten door de vogels nog vóór wij kunnen plukken. Er staan, nogal verspreid, drie kersenbomen op ons terrein en dit is de eerste oogst. Ze zijn nog een beetje hard maar al wel zoet. Wachten tot ze donkerrood zijn heeft geen zin, vanwege die vogels en de bomen zijn te hoog om er netten overheen te hangen. Glinsterende sliertjes of oude cd’s in de bomen hangen is dan ook nog een optie maar daar komt het eigenlijk niet van. Zo af en toe een handje plukken en direct opeten is heerlijk en de rest is voor de vogels die ons dagelijks trakteren op de mooiste achtergrondmuziek die denkbaar is.

Praten met planten

Vannacht werd ik wakker van onweer en zware buien. Ik dacht meteen aan de letterbak met verse zaadjes die nog buiten stond. Wat bindsla, kropsla en radijsjes had kunnen worden, zwom nu de kweekbakjes weer uit. Vanmorgen zag het het zo uit. Sneu maar ook dom van me want we kijken dagelijks op de weerapp dus ik had het kunnen weten. Water er af gieten, beetje laten drogen en opnieuw zaaien.

Vanmiddag, toen de zon weer scheen, ben ik naar het aardbeienveldje gegaan. ‘Hoe staat het met jullie?’ vroeg ik. Want je gaat vanzelf praten tegen die stakkers. ‘Nat en met onze vruchten in de zompige klei’, was het antwoord. Dus hoogste tijd voor het vanmorgen gekochte stro. ‘Ik zal jullie eens een lekker warm bedje geven’. Planten helpen mensen door ons van zuurstof te voorzien en mensen helpen planten ademen door ze koolstofdioxine te geven. Studies tonen aan dat mensen die tijd besteden aan het kweken van planten minder stress in hun leven hebben.

De aardbeien in potten hebben het reuze naar hun zin, die hangen gewoon gezellig te wiebelen of rusten uit op de stenen rand die opwarmt in de zon. Dat vertelden ze me zelf, want ze praten gewoon terug, hoor. Geen stress hier dus. Niet voor ons en niet voor de planten. We zorgen voor elkaar.

Ontploffing in het paradijs

Na tien dagen regen en twee dagen zon, ontploft het groen op het erf. De kleine aardbeistekjes hebben we in hoge potten gezet en ik droom van hangende trossen met overrijpe aardbeien. Ook in de potten dicht bij de keuken en in het kleine veldje dat we nog hebben, gaat het goed.

Een andere dankbare vrucht is de vijg. Onvoorstelbaar hoeveel er al hangen. Ik heb gelukkig plankenvol lege potjes in ons keldertje want ik voorzie dat de jammakerij hier weer dagenlang de arbeid gaat bepalen.

Natuurlijk kroop ik ook even in olijfboom in. Valt er wat te oogsten in het najaar? Het ziet er wel naar uit. Onze zoon heeft, mede naar aanleiding van alle gruwelverhalen over fabrieksmatige olijfolie, al een bestelling geplaatst. En dan kan ik het natuurlijk niet laten om nogmaals blauwe regen te laten zien. Deze variant op de kop van het huis is paarser dan die aan de voorkant en valt nog niet uit. Een lust voor alle hommels en ander vliegend spul. En ook voor onze zintuigen; er komt een bedwelmend zoete geur vanaf.

Vaasjes en magen vullen

In februari kregen we van lieve vrienden dit leuke raamvaasje met kleine opdracht. Het ging mee de koffer in en vandaag besloot ik er direct werk van te maken. We lopen sowieso kleine inspectierondjes en had ik niet ergens wat blauwe anemoontjes staan? Nou, ik vond welgeteld één anemoon, weggedoken onder een rozemarijnstruik. Die verdiende wel een beter plaatsje.

Samen met wat dovenetel om het een beetje volume te geven, hangt het vaasje aan het keukenraam. De werkelijkheid is leuker dan de foto laat zien. Ik rommel verder in huis want zo’n eerste volle dag staat toch vooral in het teken van opruimen, inruimen en poetsen. De wijnboer haalde de tuintafel uit de schuur, schoof er de stoelen omheen en sleepte met lege plantenbakken. Die gaan we snel vullen. Maar eerst gezorgd dat ook de magen gevuld werden. Met verse aardbeien uit Italië. Gisteravond flanste ik een snelle salade in elkaar, vanavond wordt er ordentelijk gekookt. We pakken het leven op deze locatie weer rustig op.

Altijd gezellig

Na de smakelijke pranzo wandelden we nog even over het terrein. Dat was gisteren toen we bij mijn nichtje en haar man in Le Marche op bezoek waren. De maaltijd werd royaal weggespoeld met de witte en rode wijn waar we vorig jaar met z’n vieren aan bezig zijn geweest. Het enthousiasme daarover is onverminderd groot. Helaas is er ook bij hen dit jaar geen oogst dus richten we ons vol optimisme op wijnjaar 2024.

Wij namen voor hen aardbeienstekken mee waar nog vruchten aanzitten en kregen een stek retour van Groot Kaasjeskruid dat ze hier bij de Latijnse naam Malva noemen. We wisselden familienieuws uit, herkenden bij elkaar wat ouderdomskwaaltjes en stelden vast dat we op onze moeders beginnen te lijken. Bij de koffie werd nog een glaasje Scaccia Pensieri geserveerd. Dat betekent zoveel als gedachten verjagen. Dus voelden we ons weer jong en beweeglijk.

Aardbeienslagveld

Aan het eind van het seizoen is ons aardbeienveldje altijd een puinhoop. De aanvankelijke paadjes zijn overwoekerd met van alles behalve aardbeien dus er moet voor volgend jaar schoon schip gemaakt worden. Als we tijd hebben, en dat hebben we dit jaar, graven we de plantjes uit en overwinteren ze elk in een klein potje en gaan dan heel gezellig samen de koude bak in. De wijnboer steekt uit, ik vul de potjes na eerst alle onkruiduitlopers zorgvuldig te hebben weggehaald.

Als alle aardbeien er uit zijn, worden de resten aan onkruid door elkaar geharkt en afgedekt met karton waarop een laag aarde komt. Zo is er volgend jaar weer vruchtbare grond beschikbaar. Het liefst zou ik dan de aardbeien in hoge bakken hebben. Dat is makkelijker bereikbaar en minder kwetsbaar voor hazen en vossen. Enfin, dat zien we volgend jaar wel. Voorlopig zijn de meeste planten weer netjes en zien we zelfs de eerste aanzet tot een nieuw plantje in de oksel van de moederplant. De wijnboer vond ook nog een leeg wespennest. Dat hebben we even bewonderd en vervolgens ook bij de compost gegooid. En de rijpe aardbeien die we tegenkwamen ? Die hebben we in onze monden gemikt.

Vijgenjam en rozentuin

Dat zal iedereen wel hebben; bij het wakker worden meteen denken ‘wat heb ik vandaag op mijn programma staan?’ Twee taken had ik mezelf toebedacht. Het was nog nat buiten want het heeft behoorlijk geregend vannacht maar deze vlinder op de post van de keukendeur, lokte ons naar buiten. Aan de rand van de rozentuin staat lavendel waar ik me nog een paar uur op kon uitleven. En toen ik even wilde pauzeren, knoopte ik van antieke dameszakdoekjes die ik van een leuke vriendin heb gekregen, lavendelbuideltjes.

De wijnboer, elders op het erf bezig, oogstte rond het middaguur anderhalve kilo vijgen, waarmee ik aan klus twee kon beginnen. Van abrikozen, aardbeien en bramen heb ik eerder al jam gemaakt. Wat er nu nog te oogsten valt, eten we gewoon vers op.

Ze komen dichtbij

In de buurt van de lavendel is het een gefladder van jewelste. Het spul zit nauwelijks stil en dit is de enige foto waarop het Dambordje zich koest hield. De volgende vlinder zat eerst bovenop mijn mobieltje, wat was het geinig geweest als ik van dat moment een foto had kunnen maken. Toch bleef het beestje bij me in de buurt. Ik heb geprobeerd na te gaan welke vlinder dit is en kom uit op de Blauwe IJsvogelvlinder of de Kleine IJsvogelvlinder. Die naam wordt me misschien wel mede ingegeven door wat er in de buurt hangt?

En toen zag ik vanmorgen deze dief voorbij hupsen. We vermoeden tenminste dat deze vrolijke haas een vaste gast is van ons aardbeienveldje. Telkens een net over het fruit hangen is een gedoe maar wel een remedie om ook zelf aardbeien te kunnen plukken. Zien jullie hem goed? De foto is aanklikbaar voor een vergroting.

NB: er stond een knoepert van een spellingsfout in mijn blog van gisteren. Kennelijk zes keer over heen gekeken en inmiddels gewijzigd.