Functioneel oefenen

Hoewel ik me had voorgenomen niet meer over onze verhuizing en zijn gevolgen te schrijven, doe ik het toch. Het is momenteel onze werkelijkheid en twee of drie keer per week duiken we de kelderberging in en begint het schatgraven weer. Alle spullen zijn overdreven goed ingepakt, de deuropening is op de bovenste foto niet meer te zien.Het kannetje kent een bijzonder verhaal. Het werd in de zestiger jaren door de schoonouders van een zusje in Rome gekocht en meegenomen naar NL. Toen de schoonouders overleden gaven en zus en zwager het ons voor in het Italiaanse huis, een beetje terug naar de oorsprong dus. En nu staat het bij onze vazenverzameling in NL.

En zo gaat dat dus met geliefde voorwerpen. Een oude schaal die ik op een antiekmarkt in Gubbio kocht, een aardewerkschaal die een andere zus me schonk toen we in Perugia waren en waarin ik altijd de tomaten bewaarde, een gemberpot geërfd van een tante…Het krijgt opnieuw een plaatsje in ons huishouden. Al het inpakpapier strijken we met de hand glad en brengen we naar Stunt, een leer- werkbedrijf in Delft dat het graag wil hebben. Als ik tegen mijn fysiotherapeut vertel dat er van mijn thuisoefeningen op zo’n dag niet veel terecht komt, noemt hij mijn bezigheden functioneel oefenen. Ik oefen me dus te pletter maar in de berging is het einde in zicht.

Overal hetzelfde

Juist toen ik vanmorgen naar buiten ging om wat foto’s te maken, begon het te regenen. De wijnboer was zo lief snel het beddengoed weer van de waslijn af te halen. Binnenshuis zal dat beter drogen dan buiten. Ik kreeg op mijn mobieltje door dat mijn opslag zijn maximum bereikt heeft. Een mooi klusje voor een regenachtige dag om daar eens flink de bezem door te halen. Bovendien is er op maandag meestal genoeg huishoudelijk werk te verrichten en ik heb ook altijd wel een boek binnen handbereik maar toch… De rest van de dag zitten we toch vooral verlangend naar buiten te kijken en fotografeer ik vanachter het glas. Misschien een schrale troost voor iedereen in NL die denkt dat wij nog steeds over een zonnig strand lopen.

Nog één keer terug in de tijd

Fotoalbum nummer 2 lag nog op mijn bureau en ik bladerde het uiteraard nog even verder door. Omdat op mijn blog over onze eerste woonruimte veel herkenning en leuke reacties kwamen, duik ik nog een keer terug in de tijd. Onze zoon was net geboren. Wat een jonge ouders waren we, 23 en 24 jaar. Nooit een seconde spijt van gehad, trouwens.

We vierden met z’n drietjes vakantie op Mallorca. Aan de overkant van het huisje dat we daar huurden, zat een leuk barretje. Als Vincent eenmaal sliep, slopen we voor een half uurtje naar het terras om daar een wijntje te gaan drinken. Het was beslist even wennen om wat uitgaan betreft, zo gebonden te zijn.

Op een van de laatste bladzijden uit het album zie ik onszelf terug bij onze tweedehands auto, kind in een gekregen wandelwagentje. We hadden, met behulp van de werkgever van de wijnboer, een etage kunnen kopen waar we direct een douche installeerden en een telefoonlijn aan lieten sluiten. Dat waren toen nog dingen die niet in elk huishouden standaard waren. Onze welvaart steeg.

NB: de kwaliteit van de foto’s is belabberd maar het gaat om het idee, hè?

Belachelijk veel

Niet eerder heb ik me gerealiseerd dat we zoveel rieten manden in huis hebben. Het komt ongetwijfeld door het landelijke karakter van het huis en vanwege het feit dat er niet zoveel opbergruimte is en ik aanvankelijk een eenvoudig huishouden nastreefde zonder al te veel spullen. Nou, dat is dus niet gelukt in die meer dan twintig jaar. Onderin het badkamer meubel staan manden met sokken, sjaals en ongeregeld spul. En een mand met schoonmaakspullen.

De prullenmand links en de wasmand rechts, beiden van de kringloop, zijn heel verschillend van formaat, dat komt op deze collage een beetje raar over. Ik vind ze beide zo mooi gemaakt. Dan staat er in de slaapkamer, achter een kamerscherm, een hometrainer en een mand met sportspullen zoals een yogamatje, gewichten en dat soort zaken. De mand, bij ons huwelijk gekregen, heeft dienst gedaan als wasmand en als paraplubak. Nu ik die sportspullen weer eens recht in de ogen heb gekeken en mijn zitproblemen nagenoeg verdwenen zijn, begint dit hoekje mij weer te roepen.

Of ik ook een rieten hoed heb, vroeg Marjon me gisteren. Jawel hoor. Bovenin de linnenkast ligt de collectie in een oude plexiglas koelkastbak. De rieten stoel is hier al honderd keer voorbij gekomen maar kijk eens wat er naast staat! In ons Delftse huis is weinig riet te vinden, al sluit ik niet uit dat ik mezelf ook daar verbazen kan.

Dinsdagochtend routine

De doorsteek van het parkeerterrein naar de markt leverde vandaag het beeld op van een groep jonge mensen, zittend in het gras, allemaal gekleed in gele shirts. Ik veronderstel een introductiedag van verse middelbare scholieren. Hoe dan ook, het zag er vredig en gezellig uit, zo van een afstand.

Kom, dacht ik eenmaal op de markt lopend, ik zal ook eens wat huishoudelijke artikelen laten zien die hier te koop zijn. Ons huishouden is volledig voorzien van potten en pannen dus we kopen er zelden iets. Maar veel familieleden hebben hier hun melkopschuimer gekocht.

Rietwerk heeft voor mij veel charme maar ook niet nodig want door mij al vaak in Nederlandse kringloopwinkels gekocht. Nee, ons rondje markt gaat meestal langs groentekraam en kaasboer. En vanaf de koffiebar, via het parkje naar de supermarkt voor melk en yoghurt en dan weer naar huis. Altijd een fijn bestede dinsdagochtend.

Sociale leven

Er kwamen twee leuke meisjes even een boterhammetje eten bij ons. Onze kleindochter had haar eerste toetsweek op de middelbare school achter de rug. Daarvoor had ze hard gewerkt en met mooie resultaten. Deze brugpieper heeft nieuwe kleding nodig en dat werd met een middagje winkelen in Delft gerealiseerd. Twee koppies van dochter en kleindochter sieren dus het blog. Mijn andere activiteiten vandaag hebben allemaal nog te maken met de herstart van ons huishouden hier. Niks bijzonders om te laten zien. Er is een tamelijk lange lijst van mensen met wie we de komende tijd afspraken gaan maken, het sociale leven komt weer helemaal op gang en daar verheug ik me ook weer op.

Corona/kroon

Onze kroonjaren vieren we meestal tamelijk uitgebreid maar dit keer werd het dus een Coronafeestje en dat wil zeggen dat we met ons eigen gezin een pranzo hadden. Het viel sowieso niet mee om met tien personen uit drie huishoudens op een zondagmiddag ergens aan tafel te schuiven maar bij het Art Centre Delft was men bereid met ons mee te denken en te organiseren. Alle hulde voor hen. Ik kreeg van kinderen en kleinkinderen lieve cadeautjes die zorgvuldig waren uitgezocht. Toch is mijn grootste cadeau het samenzijn als gezin, daar kan wat mij betreft niets tegenop. En dat we heerlijk buiten konden zitten was ook al een bonus. Na afloop wandelden we door het park, de beeldentuin en de moestuin. Er werden nog heel veel foto’s gemaakt maar die laat ik morgen wel zien.

Klusjes tijd

In drukke tijden reduceer ik huiselijke bezigheden naar minimale proporties. Ik beschouw het als een goed teken dat ik weer zin heb in kleine projecten. Onze werk- en tv kamer kan wel wat inspanning van mij gebruiken. Wat een ongeordende troep is het daar. Gisteren hadden mijn dochter en ik het er over dat er al snel een plek of kamer in huis is die als overloop voor spullen en rommel dient. Daar gaan we eens wat aan doen deze week. Maar daarvoor moet eerst dit klusje gedaan worden.

Boodschappen voor één

Onze jongste kleindochter van zes heeft nu al aangekondigd als vakantiebaantje later achter de kassa van AH te willen zitten want ze vindt het scannen zo leuk.  Ik vraag me af of er dan nog gewone kassa’s bestaan of dat alle klanten inmiddels zelf scannen. Ik ben nog steeds zo’n mens dat graag de boodschappen op de band legt en een paar woorden wisselt met de caissière.

In mijn huidige éénpersoons huishouden was dit vandaag mijn oogst. Ik had zelf couscous willen maken maar kon de kant en klare salade niet weerstaan. Jammer van dat plastic maar weggooien mét maaltijd is nog erger. Koken voor één persoon ben ik niet gewend en in mijn eentje eten ervaar is als super ongezellig. Vandaar die troostreep.

De kunst van het niets doen

Afgezien van de dageljkse routineklusjes in het huishouden deed ik gisteren niet echt iets nuttigs. En dat bevalt mij dan maar niks. Ik wil een paar vierkante meter onkruid weg kunnen plukken of de aardbeien controleren en fatsoeneren. Ik wil elke dag wat áf kunnen vinken.

Mijn rug en de warmte zijn spelbrekers. Dat laatste is te verhelpen door een tropenrooster, dat eerste alleen met rust en oefeningen. Dus terwijl de wijnboer rond zes uur vanmorgen in de wijngaard nuttige dingen deed, sloop ik rond om foto’s te maken in het ochtendlicht en deed daarna wat oefeningen.

Later op de ochtend deed ik, zittend in de schaduw, een klusje. Daar kom ik beslist later in het jaar op terug.